Genesis 46
[15] Dit waren de zonen van Lea, die zij Jakob gebaard heeft in Paddan-Aram, met Dina, zijn dochter. Het totale aantal zielen van zijn zonen en dochters was drieëndertig.
Exodus 2
[16] De priester van Midian had zeven dochters. Zij kwamen om water te putten en vulden de drinkbakken om het kleinvee van hun vader te drinken te geven.
Exodus 2
[16] De priester van Midian had zeven dochters. Zij kwamen om water te putten en vulden de drinkbakken om het kleinvee van hun vader te drinken te geven.
Exodus 2
[16] De priester van Midian had zeven dochters. Zij kwamen om water te putten en vulden de drinkbakken om het kleinvee van hun vader te drinken te geven.
Exodus 2
[16] De priester van Midian had zeven dochters. Zij kwamen om water te putten en vulden de drinkbakken om het kleinvee van hun vader te drinken te geven.
Exodus 2
[16] De priester van Midian had zeven dochters. Zij kwamen om water te putten en vulden de drinkbakken om het kleinvee van hun vader te drinken te geven.
Exodus 2
[16] De priester van Midian had zeven dochters. Zij kwamen om water te putten en vulden de drinkbakken om het kleinvee van hun vader te drinken te geven.
Genesis 25
[13] Dit zijn de namen van de zonen van Ismaël, met hun namen ingedeeld naar hun afstamming. De eerstgeborene van Ismaël was Nebajoth, en vervolgens Kedar, Adbeël en Mibsam;
[14] Misma, Duma, en Massa;
[15] Hadar, Tema, Jetur, Nafis en Kedma.
Genesis 23
[8] en sprak tot hen: Als het met uw goedkeuring is dat ik mijn dode uitdraag en begraaf, luister dan naar mij en pleit voor mij bij Efron, de zoon van Zohar,
Exodus 6
[22] Aäron nam Eliseba, dochter van Amminadab en zuster van Nahesson, voor zichzelf tot vrouw. Zij baarde hem Nadab en Abihu, Eleazar en Ithamar.
1 Kronieken 2
[13] Isaï verwekte Eliab, zijn eerstgeborene, Abinadab, de tweede, en Simea, de derde,
[14] Nethaneël, de vierde, Raddai, de vijfde,
[15] Ozem, de zesde, en David, de zevende.
[16] Hun zusters waren Zeruja en Abigaïl. De zonen van Zeruja waren Abisaï, Joab en Asaël, drie zonen.
Exodus 18
[4] En de naam van de ander was Eliëzer, want, had hij gezegd, de God van mijn vader is mij tot hulp geweest en heeft mij gered van het zwaard van de farao.
1 Kronieken 3
De nakomelingen van David
[1] Dit waren de zonen van David, die bij hem in Hebron geboren zijn: de eerstgeborene Amnon, bij Ahinoam uit Jizreël; de tweede Daniël, bij Abigaïl, uit Karmel;
[2] de derde Absalom, de zoon van Maächa, de dochter van Talmai, de koning in Gesur; de vierde Adonia, de zoon van Haggith;
[3] de vijfde Sefatja, van Abital; de zesde Jithream, bij zijn vrouw Egla.
[4] Zes zonen zijn hem in Hebron geboren. Hij regeerde daar zeven jaar en zes maanden. Drieëndertig jaar regeerde hij in Jeruzalem.
[5] Deze zonen zijn hem in Jeruzalem geboren: Simea, Sobab, Nathan en Salomo. Deze vier zijn zonen van Bath-Sua, de dochter van Ammiël;
[6] en vervolgens Jibchar, Elisama, Elifelet,
[7] Nogah, Nefeg, Jafia,
[8] Elisama, Eljada en Elifelet, negen zonen.
[9] Zij zijn allen zonen van David, naast de zonen van de bijvrouwen, en Tamar, hun zuster.
1 Kronieken 3
De nakomelingen van David
[1] Dit waren de zonen van David, die bij hem in Hebron geboren zijn: de eerstgeborene Amnon, bij Ahinoam uit Jizreël; de tweede Daniël, bij Abigaïl, uit Karmel;
[2] de derde Absalom, de zoon van Maächa, de dochter van Talmai, de koning in Gesur; de vierde Adonia, de zoon van Haggith;
[3] de vijfde Sefatja, van Abital; de zesde Jithream, bij zijn vrouw Egla.
[4] Zes zonen zijn hem in Hebron geboren. Hij regeerde daar zeven jaar en zes maanden. Drieëndertig jaar regeerde hij in Jeruzalem.
[5] Deze zonen zijn hem in Jeruzalem geboren: Simea, Sobab, Nathan en Salomo. Deze vier zijn zonen van Bath-Sua, de dochter van Ammiël;
[6] en vervolgens Jibchar, Elisama, Elifelet,
[7] Nogah, Nefeg, Jafia,
[8] Elisama, Eljada en Elifelet, negen zonen.
[9] Zij zijn allen zonen van David, naast de zonen van de bijvrouwen, en Tamar, hun zuster.
Genesis 10
[4] De zonen van Javan zijn: Elisa en Tarsis, de Kittiërs en de Dodanieten.
[5] Van hen stammen de mensen af die zich over de kustlanden van de volken verspreid hebben, in hun landen, elk overeenkomstig zijn taal, overeenkomstig hun geslachten, onder hun volken.
1 Kronieken 3
De nakomelingen van David
[1] Dit waren de zonen van David, die bij hem in Hebron geboren zijn: de eerstgeborene Amnon, bij Ahinoam uit Jizreël; de tweede Daniël, bij Abigaïl, uit Karmel;
[2] de derde Absalom, de zoon van Maächa, de dochter van Talmai, de koning in Gesur; de vierde Adonia, de zoon van Haggith;
[3] de vijfde Sefatja, van Abital; de zesde Jithream, bij zijn vrouw Egla.
[4] Zes zonen zijn hem in Hebron geboren. Hij regeerde daar zeven jaar en zes maanden. Drieëndertig jaar regeerde hij in Jeruzalem.
[5] Deze zonen zijn hem in Jeruzalem geboren: Simea, Sobab, Nathan en Salomo. Deze vier zijn zonen van Bath-Sua, de dochter van Ammiël;
[6] en vervolgens Jibchar, Elisama, Elifelet,
[7] Nogah, Nefeg, Jafia,
[8] Elisama, Eljada en Elifelet, negen zonen.
[9] Zij zijn allen zonen van David, naast de zonen van de bijvrouwen, en Tamar, hun zuster.
1 Kronieken 3
De nakomelingen van David
[1] Dit waren de zonen van David, die bij hem in Hebron geboren zijn: de eerstgeborene Amnon, bij Ahinoam uit Jizreël; de tweede Daniël, bij Abigaïl, uit Karmel;
[2] de derde Absalom, de zoon van Maächa, de dochter van Talmai, de koning in Gesur; de vierde Adonia, de zoon van Haggith;
[3] de vijfde Sefatja, van Abital; de zesde Jithream, bij zijn vrouw Egla.
[4] Zes zonen zijn hem in Hebron geboren. Hij regeerde daar zeven jaar en zes maanden. Drieëndertig jaar regeerde hij in Jeruzalem.
[5] Deze zonen zijn hem in Jeruzalem geboren: Simea, Sobab, Nathan en Salomo. Deze vier zijn zonen van Bath-Sua, de dochter van Ammiël;
[6] en vervolgens Jibchar, Elisama, Elifelet,
[7] Nogah, Nefeg, Jafia,
[8] Elisama, Eljada en Elifelet, negen zonen.
[9] Zij zijn allen zonen van David, naast de zonen van de bijvrouwen, en Tamar, hun zuster.
Exodus 6
[22] Aäron nam Eliseba, dochter van Amminadab en zuster van Nahesson, voor zichzelf tot vrouw. Zij baarde hem Nadab en Abihu, Eleazar en Ithamar.
Genesis 5
[9] Enos leefde negentig jaar, en verwekte Kenan.
[10] En Enos leefde, nadat hij Kenan verwekt had, achthonderdvijftien jaar; en hij verwekte zonen en dochters.
[11] Al de dagen van Enos waren negenhonderdvijf jaar; en hij stierf.
Genesis 46
[12] De zonen van Juda: Er, Onan, Sela, Perez en Zerah. Er en Onan waren echter in het land Kanaän gestorven. De zonen van Perez waren Hezron en Hamul.
Genesis 46
[12] De zonen van Juda: Er, Onan, Sela, Perez en Zerah. Er en Onan waren echter in het land Kanaän gestorven. De zonen van Perez waren Hezron en Hamul.
Genesis 14
[13] Toen kwam er iemand die ontkomen was, en vertelde het aan Abram, de Hebreeër; die woonde bij de eiken van de Amoriet Mamre, de broer van Eskol en Aner. Zij waren bondgenoten van Abram.