Genesis 14
[13] Toen kwam er iemand die ontkomen was, en vertelde het aan Abram, de Hebreeër; die woonde bij de eiken van de Amoriet Mamre, de broer van Eskol en Aner. Zij waren bondgenoten van Abram.
Genesis 16
[11] Ook zei de Engel van de HEERE tegen haar:
Zie, u bent zwanger;
u zult een zoon baren
en u moet hem de naam Ismaël geven,
omdat de HEERE uw verdrukking gehoord heeft.
[12] En hij zal zijn
een wilde ezel van een mens;
zijn hand zal tegen allen zijn,
en de hand van allen tegen hem;
en hij zal wonen tegenover al zijn broeders.
Genesis 16
[15] Hagar baarde een zoon bij Abram, en Abram gaf zijn zoon, die Hagar gebaard had, de naam Ismaël.
[16] Abram was zesentachtig jaar oud, toen Hagar Ismaël bij Abram baarde.
Genesis 17
Aankondiging van de geboorte van Izak
[15] Verder zei God tegen Abraham: U moet uw vrouw Sarai niet meer Sarai noemen, maar haar naam zal Sara zijn.
Genesis 19
[15] Toen de dageraad aangebroken was, drongen de engelen bij Lot aan. Zij zeiden: Sta op! Neem uw vrouw en uw twee dochters, die zich hier bevinden, anders wordt u om de ongerechtigheid van de stad weggevaagd.
Genesis 19
[15] Toen de dageraad aangebroken was, drongen de engelen bij Lot aan. Zij zeiden: Sta op! Neem uw vrouw en uw twee dochters, die zich hier bevinden, anders wordt u om de ongerechtigheid van de stad weggevaagd.
Genesis 2
[7] toen vormde de HEERE God de mens uit het stof van de aardbodem en blies de levensadem in zijn neusgaten; zo werd de mens tot een levend wezen.
Genesis 23
Dood en begrafenis van Sara
[1] Sara leefde honderdzevenentwintig jaar; dat waren de levensjaren van Sara.
[2] En Sara stierf in Kirjath-Arba – het tegenwoordige Hebron – in het land Kanaän. Abraham ging de tent in om rouw te bedrijven over Sara en haar te bewenen.
Genesis 23
[7] Toen stond Abraham op, boog zich voor de bevolking van dat land, de Hethieten,
[8] en sprak tot hen: Als het met uw goedkeuring is dat ik mijn dode uitdraag en begraaf, luister dan naar mij en pleit voor mij bij Efron, de zoon van Zohar,
Genesis 23
[8] en sprak tot hen: Als het met uw goedkeuring is dat ik mijn dode uitdraag en begraaf, luister dan naar mij en pleit voor mij bij Efron, de zoon van Zohar,
Genesis 25
[13] Dit zijn de namen van de zonen van Ismaël, met hun namen ingedeeld naar hun afstamming. De eerstgeborene van Ismaël was Nebajoth, en vervolgens Kedar, Adbeël en Mibsam;
[14] Misma, Duma, en Massa;
[15] Hadar, Tema, Jetur, Nafis en Kedma.
Genesis 25
[13] Dit zijn de namen van de zonen van Ismaël, met hun namen ingedeeld naar hun afstamming. De eerstgeborene van Ismaël was Nebajoth, en vervolgens Kedar, Adbeël en Mibsam;
[14] Misma, Duma, en Massa;
[15] Hadar, Tema, Jetur, Nafis en Kedma.
Genesis 25
[13] Dit zijn de namen van de zonen van Ismaël, met hun namen ingedeeld naar hun afstamming. De eerstgeborene van Ismaël was Nebajoth, en vervolgens Kedar, Adbeël en Mibsam;
[14] Misma, Duma, en Massa;
[15] Hadar, Tema, Jetur, Nafis en Kedma.
Genesis 25
[13] Dit zijn de namen van de zonen van Ismaël, met hun namen ingedeeld naar hun afstamming. De eerstgeborene van Ismaël was Nebajoth, en vervolgens Kedar, Adbeël en Mibsam;
[14] Misma, Duma, en Massa;
[15] Hadar, Tema, Jetur, Nafis en Kedma.
Genesis 25
[13] Dit zijn de namen van de zonen van Ismaël, met hun namen ingedeeld naar hun afstamming. De eerstgeborene van Ismaël was Nebajoth, en vervolgens Kedar, Adbeël en Mibsam;
[14] Misma, Duma, en Massa;
[15] Hadar, Tema, Jetur, Nafis en Kedma.
Genesis 25
[13] Dit zijn de namen van de zonen van Ismaël, met hun namen ingedeeld naar hun afstamming. De eerstgeborene van Ismaël was Nebajoth, en vervolgens Kedar, Adbeël en Mibsam;
[14] Misma, Duma, en Massa;
[15] Hadar, Tema, Jetur, Nafis en Kedma.
Genesis 25
[13] Dit zijn de namen van de zonen van Ismaël, met hun namen ingedeeld naar hun afstamming. De eerstgeborene van Ismaël was Nebajoth, en vervolgens Kedar, Adbeël en Mibsam;
[14] Misma, Duma, en Massa;
[15] Hadar, Tema, Jetur, Nafis en Kedma.
Genesis 25
[13] Dit zijn de namen van de zonen van Ismaël, met hun namen ingedeeld naar hun afstamming. De eerstgeborene van Ismaël was Nebajoth, en vervolgens Kedar, Adbeël en Mibsam;
[14] Misma, Duma, en Massa;
[15] Hadar, Tema, Jetur, Nafis en Kedma.
Genesis 25
[13] Dit zijn de namen van de zonen van Ismaël, met hun namen ingedeeld naar hun afstamming. De eerstgeborene van Ismaël was Nebajoth, en vervolgens Kedar, Adbeël en Mibsam;
[14] Misma, Duma, en Massa;
[15] Hadar, Tema, Jetur, Nafis en Kedma.
Genesis 25
[13] Dit zijn de namen van de zonen van Ismaël, met hun namen ingedeeld naar hun afstamming. De eerstgeborene van Ismaël was Nebajoth, en vervolgens Kedar, Adbeël en Mibsam;
[14] Misma, Duma, en Massa;
[15] Hadar, Tema, Jetur, Nafis en Kedma.
Genesis 25
[13] Dit zijn de namen van de zonen van Ismaël, met hun namen ingedeeld naar hun afstamming. De eerstgeborene van Ismaël was Nebajoth, en vervolgens Kedar, Adbeël en Mibsam;
[14] Misma, Duma, en Massa;
[15] Hadar, Tema, Jetur, Nafis en Kedma.
Genesis 25
[13] Dit zijn de namen van de zonen van Ismaël, met hun namen ingedeeld naar hun afstamming. De eerstgeborene van Ismaël was Nebajoth, en vervolgens Kedar, Adbeël en Mibsam;
[14] Misma, Duma, en Massa;
[15] Hadar, Tema, Jetur, Nafis en Kedma.
Genesis 25
[17] Dit zijn de levensjaren van Ismaël: honderdzevenendertig jaar. Toen gaf hij de geest en stierf, en hij werd met zijn voorgeslacht verenigd.
Genesis 25
[26] Daarna kwam zijn broer tevoorschijn, terwijl zijn hand de hiel van Ezau vasthield; daarom gaf men hem de naam Jakob. Izak was zestig jaar oud bij hun geboorte.