Rapport: sources: citations with associated individuals, ordered by citation text

         Beschrijving: Bronnen: citaten met geaccossieerde personen, gerangschikt naar geciteerde tekst.


Treffers 7551 t/m 7600 van 14365   » Alle rapporten  » Komma gescheiden CSV bestand

«Vorige «1 ... 148 149 150 151 152 153 154 155 156 ... 288» Volgende»

# Beschrijving sourceID eventID citetext Pagina Persoon-ID Familienaam Voornaam Levend Stamboom
7551   S30  BIRT  Genesis 38
[5] En zij baarde opnieuw een zoon en gaf hem de naam Sela. Hij was echter in Chezib, toen zij hem baarde.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.38.5 
I329    Sela  Mens 
7552   S30  BIRT  Genesis 38
[6] En Juda nam een vrouw voor Er, zijn eerstgeborene; haar naam was Tamar.
[7] Maar Er, de eerstgeborene van Juda, was slecht in de ogen van de HEERE; daarom doodde de HEERE hem.
[8] Toen zei Juda tegen Onan: Kom bij de vrouw van je broer, vervul je zwagerplicht tegenover haar en verwek nageslacht voor je broer.
[9] Onan wist echter dat dit nageslacht niet voor hem zou zijn; daarom gebeurde het, telkens wanneer hij bij de vrouw van zijn broer kwam, dat hij zijn zaad op de grond verspilde om zijn broer geen nageslacht te geven.
[10] Wat hij deed, was echter slecht in de ogen van de HEERE; daarom doodde Hij ook hem.
[11] Toen zei Juda tegen Tamar, zijn schoondochter: Ga maar zolang als weduwe in het huis van je vader wonen, totdat mijn zoon Sela groot is. Hij zei namelijk: Anders zal hij ook sterven, net zoals zijn broers! Zo ging Tamar weg en ging in het huis van haar vader wonen.
[12] Toen veel dagen verlopen waren, stierf de dochter van Sua, de vrouw van Juda. Daarna vond Juda troost en ging hij naar zijn schaapscheerders, naar Timna, hij en zijn vriend Hira uit Adullam.
[13] En men vertelde Tamar: Zie, uw schoonvader gaat naar Timna om zijn schapen te scheren.
[14] Toen trok zij haar weduwkleed uit, bedekte zich met een sluier, omhulde zich en ging zitten bij de ingang van Enaïm, dat op de weg naar Timna ligt. Zij had namelijk gezien dat Sela groot geworden was en zij aan hem niet tot vrouw was gegeven.
[15] Toen Juda haar zag, hield hij haar voor een hoer, omdat zij haar gezicht bedekt had.
[16] En hij ging naar haar toe langs de weg en zei: Kom toch mee, ik wil bij u komen; hij wist immers niet dat het zijn schoondochter was. En zij zei: Wat zult u mij geven, als u bij mij komt?
[17] Hij zei: Ik zal u een geitenbokje van mijn kudde sturen. Zij zei: Goed, als u een onderpand geeft, totdat u het bokje gestuurd hebt.
[18] Toen zei hij: Wat is het onderpand dat ik u zal geven? Zij zei: Uw zegelring, uw snoer en uw staf, die u in uw hand hebt. Hij gaf ze haar, kwam bij haar, en zij werd zwanger van hem.
[19] Daarna stond zij op, ging weg, legde haar sluier van zich af en trok haar weduwkleed weer aan.
[20] Juda stuurde het geitenbokje door bemiddeling van zijn vriend uit Adullam, om het onderpand uit de hand van de vrouw terug te krijgen; hij vond haar echter niet.
[21] Toen vroeg hij aan de mensen van haar woonplaats: Waar is de hoer die bij Enaïm langs de weg zat? Maar zij zeiden: Er is hier geen hoer geweest.
[22] Hij keerde daarop terug naar Juda en zei: Ik heb haar niet gevonden, en ook de mensen van die plaats zeiden: Er is hier geen hoer geweest.
[23] Toen zei Juda: Laat ze het onderpand zelf maar houden, anders zullen wij veracht worden. Zie, ik heb dit bokje willen sturen, maar u hebt haar niet gevonden.
[24] Het gebeurde ongeveer drie maanden later dat men Juda vertelde: Tamar, uw schoondochter, heeft hoererij bedreven en zie, ze is ook zwanger door die hoererij. Toen zei Juda: Breng haar de stad uit en laat haar verbrand worden!
[25] Terwijl zij de stad uit gebracht werd, stuurde ze een bode naar haar schoonvader om te zeggen: Van de man van wie deze voorwerpen zijn, ben ik zwanger. Ze zei: Kijk toch eens van wie deze zegelring, deze snoeren en deze staf zijn.
[26] En Juda herkende ze en zei: Zij staat in haar recht, meer dan ik, omdat ik haar niet aan mijn zoon Sela gegeven heb. En hij had voortaan geen gemeenschap meer met haar.
[27] En het gebeurde tegen de tijd dat zij baren zou, en zie! er bleek een tweeling in haar schoot te zijn.
[28] En terwijl zij baarde, gebeurde het dat de ene zijn hand naar buiten stak. De vroedvrouw pakte die, bond een scharlakenrode draad om zijn hand en zei: Deze komt er het eerst uit.
[29] Maar het gebeurde, toen hij zijn hand weer naar binnen trok, dat, zie, zijn broer tevoorschijn kwam. Daarop zei ze: Wat een bres heb jij voor jezelf geslagen! En men gaf hem de naam Perez.
[30] Daarna kwam zijn broer tevoorschijn, die de scharlakenrode draad om zijn hand had, en men gaf hém de naam Zerah.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.38.6-GEN.38.30 
6-30  I331    Perez  Mens 
7553   S30  BIRT  Genesis 38
[6] En Juda nam een vrouw voor Er, zijn eerstgeborene; haar naam was Tamar.
[7] Maar Er, de eerstgeborene van Juda, was slecht in de ogen van de HEERE; daarom doodde de HEERE hem.
[8] Toen zei Juda tegen Onan: Kom bij de vrouw van je broer, vervul je zwagerplicht tegenover haar en verwek nageslacht voor je broer.
[9] Onan wist echter dat dit nageslacht niet voor hem zou zijn; daarom gebeurde het, telkens wanneer hij bij de vrouw van zijn broer kwam, dat hij zijn zaad op de grond verspilde om zijn broer geen nageslacht te geven.
[10] Wat hij deed, was echter slecht in de ogen van de HEERE; daarom doodde Hij ook hem.
[11] Toen zei Juda tegen Tamar, zijn schoondochter: Ga maar zolang als weduwe in het huis van je vader wonen, totdat mijn zoon Sela groot is. Hij zei namelijk: Anders zal hij ook sterven, net zoals zijn broers! Zo ging Tamar weg en ging in het huis van haar vader wonen.
[12] Toen veel dagen verlopen waren, stierf de dochter van Sua, de vrouw van Juda. Daarna vond Juda troost en ging hij naar zijn schaapscheerders, naar Timna, hij en zijn vriend Hira uit Adullam.
[13] En men vertelde Tamar: Zie, uw schoonvader gaat naar Timna om zijn schapen te scheren.
[14] Toen trok zij haar weduwkleed uit, bedekte zich met een sluier, omhulde zich en ging zitten bij de ingang van Enaïm, dat op de weg naar Timna ligt. Zij had namelijk gezien dat Sela groot geworden was en zij aan hem niet tot vrouw was gegeven.
[15] Toen Juda haar zag, hield hij haar voor een hoer, omdat zij haar gezicht bedekt had.
[16] En hij ging naar haar toe langs de weg en zei: Kom toch mee, ik wil bij u komen; hij wist immers niet dat het zijn schoondochter was. En zij zei: Wat zult u mij geven, als u bij mij komt?
[17] Hij zei: Ik zal u een geitenbokje van mijn kudde sturen. Zij zei: Goed, als u een onderpand geeft, totdat u het bokje gestuurd hebt.
[18] Toen zei hij: Wat is het onderpand dat ik u zal geven? Zij zei: Uw zegelring, uw snoer en uw staf, die u in uw hand hebt. Hij gaf ze haar, kwam bij haar, en zij werd zwanger van hem.
[19] Daarna stond zij op, ging weg, legde haar sluier van zich af en trok haar weduwkleed weer aan.
[20] Juda stuurde het geitenbokje door bemiddeling van zijn vriend uit Adullam, om het onderpand uit de hand van de vrouw terug te krijgen; hij vond haar echter niet.
[21] Toen vroeg hij aan de mensen van haar woonplaats: Waar is de hoer die bij Enaïm langs de weg zat? Maar zij zeiden: Er is hier geen hoer geweest.
[22] Hij keerde daarop terug naar Juda en zei: Ik heb haar niet gevonden, en ook de mensen van die plaats zeiden: Er is hier geen hoer geweest.
[23] Toen zei Juda: Laat ze het onderpand zelf maar houden, anders zullen wij veracht worden. Zie, ik heb dit bokje willen sturen, maar u hebt haar niet gevonden.
[24] Het gebeurde ongeveer drie maanden later dat men Juda vertelde: Tamar, uw schoondochter, heeft hoererij bedreven en zie, ze is ook zwanger door die hoererij. Toen zei Juda: Breng haar de stad uit en laat haar verbrand worden!
[25] Terwijl zij de stad uit gebracht werd, stuurde ze een bode naar haar schoonvader om te zeggen: Van de man van wie deze voorwerpen zijn, ben ik zwanger. Ze zei: Kijk toch eens van wie deze zegelring, deze snoeren en deze staf zijn.
[26] En Juda herkende ze en zei: Zij staat in haar recht, meer dan ik, omdat ik haar niet aan mijn zoon Sela gegeven heb. En hij had voortaan geen gemeenschap meer met haar.
[27] En het gebeurde tegen de tijd dat zij baren zou, en zie! er bleek een tweeling in haar schoot te zijn.
[28] En terwijl zij baarde, gebeurde het dat de ene zijn hand naar buiten stak. De vroedvrouw pakte die, bond een scharlakenrode draad om zijn hand en zei: Deze komt er het eerst uit.
[29] Maar het gebeurde, toen hij zijn hand weer naar binnen trok, dat, zie, zijn broer tevoorschijn kwam. Daarop zei ze: Wat een bres heb jij voor jezelf geslagen! En men gaf hem de naam Perez.
[30] Daarna kwam zijn broer tevoorschijn, die de scharlakenrode draad om zijn hand had, en men gaf hém de naam Zerah.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.38.6-GEN.38.30 
6-30  I332    Zerah  Mens 
7554   S2  BIRT  Genesis 4
Kaïn en Abel
[1] En Adam had gemeenschap met Eva, zijn vrouw, en zij werd zwanger en baarde Kaïn, en zei: Ik heb een man van de HEERE gekregen!

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.4.1 
I3    Kain  Mens 
7555   S2  BIRT  Genesis 4
Nageslacht van Kaïn
[17] En Kaïn had gemeenschap met zijn vrouw, en zij werd zwanger en baarde Henoch. Kaïn was een stad aan het bouwen, en hij noemde de naam van die stad naar de naam van zijn zoon, Henoch.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.4.17 
17  I6    Henoch  Mens 
7556   S2  BIRT  Genesis 4
Nageslacht van Seth
[25] En Adam had opnieuw gemeenschap met zijn vrouw en zij baarde een zoon, en zij gaf hem de naam Seth. Want, zei ze, God heeft mij ander nageslacht gegeven in de plaats van Abel; Kaïn heeft hem immers gedood.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.4.25 
25  I20    Seth  Mens 
7557   S2  BIRT  Genesis 4
[18] En bij Henoch werd Hirad geboren; en Hirad verwekte Mechujaël; en Mechujaël verwekte Methusaël; en Methusaël verwekte Lamech.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.4.18 
18  I8    Hirad  Mens 
7558   S2  BIRT  Genesis 4
[18] En bij Henoch werd Hirad geboren; en Hirad verwekte Mechujaël; en Mechujaël verwekte Methusaël; en Methusaël verwekte Lamech.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.4.18 
18  I10    Mechujaël  Mens 
7559   S2  BIRT  Genesis 4
[18] En bij Henoch werd Hirad geboren; en Hirad verwekte Mechujaël; en Mechujaël verwekte Methusaël; en Methusaël verwekte Lamech.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.4.18 
18  I12    Methusaël  Mens 
7560   S2  BIRT  Genesis 4
[18] En bij Henoch werd Hirad geboren; en Hirad verwekte Mechujaël; en Mechujaël verwekte Methusaël; en Methusaël verwekte Lamech.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.4.18 
18  I14    Lamech  Mens 
7561   S2  BIRT  Genesis 4
[19] Lamech nam voor zichzelf twee vrouwen; de naam van de ene was Ada, en de naam van de andere Zilla.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.4.19 
19  I15    Ada  Mens 
7562   S2  BIRT  Genesis 4
[19] Lamech nam voor zichzelf twee vrouwen; de naam van de ene was Ada, en de naam van de andere Zilla.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.4.19 
19  I16    Zilla  Mens 
7563   S2  BIRT  Genesis 4
[20] Ada baarde Jabal; die werd de vader van wie tenten bewonen en vee houden.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.4.20 
20  I17    Jabal  Mens 
7564   S2  BIRT  Genesis 4
[21] En de naam van zijn broer was Jubal. Deze werd de vader van allen die harp en fluit kunnen bespelen.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.4.21 
21  I25    Jubal  Mens 
7565   S2  BIRT  Genesis 4
[22] Ook Zilla baarde: Tubal Kaïn, een smid, vader van alle koper- en ijzerbewerkers; en de zuster van Tubal Kaïn was Naëma.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.4.22 
22  I18    Tubal Kaïn  Mens 
7566   S2  BIRT  Genesis 4
[22] Ook Zilla baarde: Tubal Kaïn, een smid, vader van alle koper- en ijzerbewerkers; en de zuster van Tubal Kaïn was Naëma.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.4.22 
22  I19    Naëma  Mens 
7567   S2  BIRT  Genesis 4
[26] En ook bij Seth werd een zoon geboren, en hij gaf hem de naam Enos. Toen begon men de Naam van de HEERE aan te roepen.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.4.26 
26  I22    Enos  Mens 
7568   S2  BIRT  Genesis 4
[2] En zij baarde opnieuw: zijn broer Abel. Abel werd herder van kleinvee en Kaïn werd bewerker van de aardbodem.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.4.2 
I4    Abel  Mens 
7569   S2  DEAT  Genesis 4
[8] En Kaïn sprak met zijn broer Abel. En het gebeurde, toen zij op het veld waren, dat Kaïn zijn broer Abel aanviel en hem doodde.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.4.8 
I4    Abel  Mens 
7570   S31  BIRT  Genesis 46
[11] De zonen van Levi: Gerson, Kahath en Merari.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.11 
11  I347    Gerson  Mens 
7571   S31  BIRT  Genesis 46
[11] De zonen van Levi: Gerson, Kahath en Merari.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.11 
11  I348    Kahath  Mens 
7572   S31  BIRT  Genesis 46
[11] De zonen van Levi: Gerson, Kahath en Merari.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.11 
11  I349    Merari  Mens 
7573   S31  DEAT  Genesis 46
[12] De zonen van Juda: Er, Onan, Sela, Perez en Zerah. Er en Onan waren echter in het land Kanaän gestorven. De zonen van Perez waren Hezron en Hamul.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.12 
12  I327    Er  Mens 
7574   S31  BIRT  Genesis 46
[12] De zonen van Juda: Er, Onan, Sela, Perez en Zerah. Er en Onan waren echter in het land Kanaän gestorven. De zonen van Perez waren Hezron en Hamul.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.12 
12  I327    Er  Mens 
7575   S31  BIRT  Genesis 46
[12] De zonen van Juda: Er, Onan, Sela, Perez en Zerah. Er en Onan waren echter in het land Kanaän gestorven. De zonen van Perez waren Hezron en Hamul.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.12 
12  I328    Onan  Mens 
7576   S31  DEAT  Genesis 46
[12] De zonen van Juda: Er, Onan, Sela, Perez en Zerah. Er en Onan waren echter in het land Kanaän gestorven. De zonen van Perez waren Hezron en Hamul.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.12 
12  I328    Onan  Mens 
7577   S31  BIRT  Genesis 46
[13] De zonen van Issaschar: Tola, Pua, Job en Simron.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.13 
13  I351    Tola  Mens 
7578   S31  BIRT  Genesis 46
[13] De zonen van Issaschar: Tola, Pua, Job en Simron.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.13 
13  I352    Pua  Mens 
7579   S31  BIRT  Genesis 46
[13] De zonen van Issaschar: Tola, Pua, Job en Simron.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.13 
13  I353    Job  Mens 
7580   S31  BIRT  Genesis 46
[13] De zonen van Issaschar: Tola, Pua, Job en Simron.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.13 
13  I354    Simron  Mens 
7581   S31  BIRT  Genesis 46
[14] De zonen van Zebulon: Sered, Elon en Jahleël.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.14 
14  I356    Sered  Mens 
7582   S31  BIRT  Genesis 46
[14] De zonen van Zebulon: Sered, Elon en Jahleël.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.14 
14  I357    Elon  Mens 
7583   S31  BIRT  Genesis 46
[14] De zonen van Zebulon: Sered, Elon en Jahleël.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.14 
14  I358    Jahleël  Mens 
7584   S31  BIRT  Genesis 46
[15] Dit waren de zonen van Lea, die zij Jakob gebaard heeft in Paddan-Aram, met Dina, zijn dochter. Het totale aantal zielen van zijn zonen en dochters was drieëndertig.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.15 
15  I244    Ruben  Mens 
7585   S31  BIRT  Genesis 46
[15] Dit waren de zonen van Lea, die zij Jakob gebaard heeft in Paddan-Aram, met Dina, zijn dochter. Het totale aantal zielen van zijn zonen en dochters was drieëndertig.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.15 
15  I245    Simeon  Mens 
7586   S31  BIRT  Genesis 46
[15] Dit waren de zonen van Lea, die zij Jakob gebaard heeft in Paddan-Aram, met Dina, zijn dochter. Het totale aantal zielen van zijn zonen en dochters was drieëndertig.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.15 
15  I246    Levi  Mens 
7587   S31  BIRT  Genesis 46
[15] Dit waren de zonen van Lea, die zij Jakob gebaard heeft in Paddan-Aram, met Dina, zijn dochter. Het totale aantal zielen van zijn zonen en dochters was drieëndertig.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.15 
15  I247    Juda  Mens 
7588   S31  BIRT  Genesis 46
[15] Dit waren de zonen van Lea, die zij Jakob gebaard heeft in Paddan-Aram, met Dina, zijn dochter. Het totale aantal zielen van zijn zonen en dochters was drieëndertig.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.15 
15  I254    Issaschar  Mens 
7589   S31  BIRT  Genesis 46
[15] Dit waren de zonen van Lea, die zij Jakob gebaard heeft in Paddan-Aram, met Dina, zijn dochter. Het totale aantal zielen van zijn zonen en dochters was drieëndertig.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.15 
15  I255    Zebulon  Mens 
7590   S31  BIRT  Genesis 46
[15] Dit waren de zonen van Lea, die zij Jakob gebaard heeft in Paddan-Aram, met Dina, zijn dochter. Het totale aantal zielen van zijn zonen en dochters was drieëndertig.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.15 
15  I256    Dina  Mens 
7591   S31  BIRT  Genesis 46
[15] Dit waren de zonen van Lea, die zij Jakob gebaard heeft in Paddan-Aram, met Dina, zijn dochter. Het totale aantal zielen van zijn zonen en dochters was drieëndertig.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.15 
15  I257    Jozef  Mens 
7592   S31  BIRT  Genesis 46
[15] Dit waren de zonen van Lea, die zij Jakob gebaard heeft in Paddan-Aram, met Dina, zijn dochter. Het totale aantal zielen van zijn zonen en dochters was drieëndertig.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.15 
15  I249    Dan  Mens 
7593   S31  BIRT  Genesis 46
[15] Dit waren de zonen van Lea, die zij Jakob gebaard heeft in Paddan-Aram, met Dina, zijn dochter. Het totale aantal zielen van zijn zonen en dochters was drieëndertig.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.15 
15  I252    Gad  Mens 
7594   S31  BIRT  Genesis 46
[15] Dit waren de zonen van Lea, die zij Jakob gebaard heeft in Paddan-Aram, met Dina, zijn dochter. Het totale aantal zielen van zijn zonen en dochters was drieëndertig.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.15 
15  I253    Aser  Mens 
7595   S31  BIRT  Genesis 46
[15] Dit waren de zonen van Lea, die zij Jakob gebaard heeft in Paddan-Aram, met Dina, zijn dochter. Het totale aantal zielen van zijn zonen en dochters was drieëndertig.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.15 
15  I250    Naftali  Mens 
7596   S31  BIRT  Genesis 46
[16] De zonen van Gad: Zifjon, Haggi, Suni, Ezbon, Eri, Arodi en Areli.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.16 
16  I360    Zifjon  Mens 
7597   S31  BIRT  Genesis 46
[16] De zonen van Gad: Zifjon, Haggi, Suni, Ezbon, Eri, Arodi en Areli.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.16 
16  I361    Haggi  Mens 
7598   S31  BIRT  Genesis 46
[16] De zonen van Gad: Zifjon, Haggi, Suni, Ezbon, Eri, Arodi en Areli.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.16 
16  I362    Suni  Mens 
7599   S31  BIRT  Genesis 46
[16] De zonen van Gad: Zifjon, Haggi, Suni, Ezbon, Eri, Arodi en Areli.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.16 
16  I363    Ezbon  Mens 
7600   S31  BIRT  Genesis 46
[16] De zonen van Gad: Zifjon, Haggi, Suni, Ezbon, Eri, Arodi en Areli.

Herziene Statenvertaling © Stichting HSV en Royal Jongbloed 2010-2017
https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/GEN.46.16 
16  I364    Eri  Mens 


«Vorige «1 ... 148 149 150 151 152 153 154 155 156 ... 288» Volgende»